Honden gebruiken hun neus om hun omgeving te onderzoeken, letten op kleine veranderingen in onze lichaamstaal en kunnen de namen van bepaalde speeltjes leren. Tegelijkertijd weten we nog lang niet alles over hoe honden de wereld ervaren.
Hier zijn 30 feiten over honden, van bekende gewoonten tot minder voor de hand liggende onderzoeksresultaten. Sommige studies onderzochten maar weinig honden of vonden plaats onder gecontroleerde omstandigheden. Daarom maken we onderscheid tussen wat onderzoek heeft aangetoond en wat nog niet met zekerheid kan worden vastgesteld.
1. De neus verzamelt informatie

Voor een hond is geur een manier om te ontdekken wie ergens is geweest, wat er is langsgekomen en welke sporen er nog liggen. Een rondje om het blok kan voor een hond daarom veel meer informatie bevatten dan voor de persoon die ernaast loopt.
Daarom is snuffelen onderweg niet zomaar een pauze van de wandeling. Het is een belangrijk onderdeel van hoe een hond zijn omgeving verkent.
2. Honden horen hogere tonen dan wij

Honden kunnen hogere frequenties horen dan mensen. Een pieptoon waarvan wij de bron niet kunnen vinden, kan voor een hond dus duidelijk hoorbaar zijn.
Honden kunnen hun oren bovendien in verschillende richtingen bewegen om te onderzoeken waar een geluid vandaan komt. Dat kan verklaren waarom je hond soms reageert voordat jij het geluid hebt opgemerkt.
3. Honden kunnen zwakke warmtestraling waarnemen
De onbehaarde neuspunt van een hond heeft mogelijk ook een andere functie dan ruiken. In een gecontroleerd experiment konden drie getrainde honden zwakke warmtestraling van een voorwerp waarnemen. De studie wijst erop dat ze die informatie via hun tastzin registreerden, niet via hun zicht.
Dit is een interessant, maar voorlopig resultaat uit een klein experiment. Het betekent niet dat honden warmte zien zoals een warmtebeeldcamera dat doet. Lees de samenvatting van de studie op PubMed.
4. De intelligentie van honden heeft meerdere kanten

Een hond die snel commando’s leert, is niet automatisch ‘slimmer’ dan een hond die daar meer tijd voor nodig heeft. Honden kunnen op verschillende gebieden uitblinken: geursporen volgen, samenwerken met mensen, problemen oplossen of zelfstandig werken.
Wat we intelligentie noemen, hangt daarom ook af van de opdracht die een hond krijgt en van wat hij gemotiveerd is om te doen.
5. Snuffelen hoort bij de wandeling en is geen afleiding

Wanneer een hond bij een vlek of lantaarnpaal blijft staan, onderzoekt hij geursporen die andere dieren hebben achtergelaten. Wij kunnen die informatie niet met onze ogen lezen.
Een wandeling met tijd om te snuffelen geeft een hond de gelegenheid om de omgeving in zijn eigen tempo te onderzoeken. Dat kan meer uitdaging bieden dan zo snel mogelijk dezelfde route afleggen.
6. Geur beïnvloedt hoe eten smaakt

Honden hebben minder smaakpapillen dan mensen, maar geur speelt een grote rol wanneer ze eten onderzoeken. Het aroma kan dus bepalen hoe aantrekkelijk voer lijkt, nog voordat de hond ervan heeft geproefd.
Dat verklaart ook waarom een hond meer belangstelling kan hebben voor voer dat sterk ruikt, zelfs als het voor ons niet bijzonder krachtig smaakt.
7. Slaap kan het leren ondersteunen

Honden hebben slaapfasen die lijken op die van mensen. Bewegingen of kleine geluidjes tijdens de slaap kunnen verband houden met dromen. We kunnen alleen niet weten waar een hond precies over droomt.
Over leren zijn er concretere aanwijzingen: EEG-studies hebben de slaapactiviteit van honden onderzocht en een verband gevonden tussen bepaalde slaappatronen en leerresultaten. Dat bewijst niet dat een dutje op zichzelf een hond een nieuw signaal leert. Slaap lijkt wel een rol te spelen bij de verwerking van herinneringen. Lees de studie op PubMed.
8. Kwispelen betekent niet alleen blijdschap

Kwispelen laat zien dat een hond alert of betrokken is, maar vertelt op zichzelf niet of hij blij, onzeker of gespannen is. Let ook op zijn houding, gezicht, oren en op de vraag of zijn lichaam ontspannen of juist stijf beweegt.
In een bekende studie kwispelden honden anders bij verschillende emotionele prikkels. Dat is interessant, maar het vormt geen eenvoudige code om de staart van elke hond te lezen. Lees de studie over asymmetrisch kwispelen.
9. Puppy’s worden geboren met gesloten ogen en gehoorgangen

Pasgeboren puppy’s hebben gesloten ogen en gehoorgangen. In de eerste weken zijn ze daarom afhankelijk van hun moeder en de zintuigen die al werken, vooral geur en tast.
Hun zicht en gehoor ontwikkelen zich na de geboorte. Probeer de ogen niet te openen en onderzoek de gehoorgangen niet zelf. Laat de ontwikkeling op natuurlijke wijze verlopen en neem contact op met een dierenarts als er iets niet in orde lijkt.
10. Sommige honden eten ontlasting

Het eten van ontlasting heet coprofagie. Het komt voor bij puppy’s die hun omgeving verkennen, maar ook bij volwassen honden. Gewoonten, toegang en omgeving kunnen een rol spelen; er is niet één verklaring die voor alle honden geldt.
Als een volwassen hond hier plotseling mee begint of het gedrag vaak voorkomt, is het verstandig om met een dierenarts te overleggen. Dat geldt ook als de hond tegelijkertijd andere klachten heeft.
11. Het is niet zeker of honden jaloezie voelen

Een hond kan zich tussen zijn baasje en iemand anders dringen, of aandacht proberen te krijgen wanneer zijn baasje zich omdraait. We noemen dat al snel jaloezie, maar het onderzoek geeft geen eenvoudig antwoord.
Een studie uit 2014 zag dat honden om aandacht vroegen wanneer hun baasje aandacht gaf aan een speelgoedhond. Een latere studie vond geen duidelijk bewijs dat de reacties door jaloezie kwamen. Het is daarom het veiligst om te beschrijven wat we zien, bijvoorbeeld concurrentie om aandacht, zonder precies vast te stellen wat de hond voelt. De studie uit 2014 en de vervolgstudie uit 2018 laten zien waarom het onderwerp nog steeds ter discussie staat.
12. Honden zien niet alleen zwart-wit

Honden hebben dichromatisch kleurenzicht. Ze onderscheiden vooral blauwe en gele tinten. Rood en groen zien er voor hen niet uit zoals voor mensen.
Dat kan handig zijn bij het kiezen van een speeltje: een blauw speeltje valt op groen gras misschien beter op dan een rood speeltje.
13. Gapen kan verschillende oorzaken hebben

Een hond kan gapen omdat hij moe is, maar ook in situaties waarin hij onzeker of opgewonden raakt. Eén gaap vertelt niet genoeg om te bepalen hoe een hond zich voelt.
Let op wat er om hem heen gebeurt en kijk naar de rest van zijn lichaamstaal. Herhaald gapen in combinatie met een gespannen houding of de poging om weg te gaan, kan erop wijzen dat hij de situatie ongemakkelijk vindt.
14. Honden lezen ook lichaamstaal wanneer ze elkaar ontmoeten

Wanneer honden elkaar ontmoeten, letten ze op hoe de ander beweegt, staat en dichterbij komt. Een stijf lichaam en een ontspannen, gebogen beweging kunnen heel verschillende signalen afgeven.
Geur geeft extra informatie, maar zichtbare signalen zijn ook belangrijk. Geef honden daarom genoeg ruimte om elkaar te begroeten of afstand te nemen. Houd ze niet dicht bij elkaar als ze zich ongemakkelijk lijken te voelen.
15. Snuffelen aan de achterkant levert sociale informatie op

Honden onderzoeken elkaars geur wanneer ze elkaar ontmoeten. Rond de achterkant bevinden zich geursignalen; eraan snuffelen hoort bij de sociale verkenning van honden.
Dat betekent niet dat elke hond een lange begroeting wil. Als een hond probeert weg te lopen, verstijft of zich achter zijn baasje verstopt, moet hij het contact kunnen beëindigen.
16. De rusthartslag verschilt per grootte

De hartslag van een hond wordt beïnvloed door grootte, leeftijd, activiteit, stress en gezondheid. Kleine honden hebben in rust vaak een hogere hartslag dan grote honden. Eén vaste waarde geldt daarom niet voor elke hond.
Maak je je zorgen over de hartslag, ademhaling of algemene toestand van je hond? Kijk dan naar het volledige beeld en neem contact op met een dierenarts in plaats van alleen één getal te beoordelen.
17. Honden zweten, maar koelen vooral af door te hijgen

Honden hebben zweetklieren in hun voetzolen, maar regelen hun lichaamstemperatuur vooral door te hijgen. Zweten via de poten speelt daardoor een beperktere rol dan zweten bij mensen.
Hijgen na inspanning of bij warm weer kan normaal zijn. Zwaar hijgen in combinatie met slapte, wankelen of verwardheid kan wijzen op oververhitting en vraagt om snel handelen.

18. Snorharen registreren aanraking
De snorharen rond de snuit en ogen zijn gevoelige tastharen, geen gewone langere haren. Ze registreren aanraking en bewegingen in de buurt van het gezicht.
Daarom kun je ze beter met rust laten. Knip de snorharen van je hond niet af, tenzij een dierenarts of deskundige daar een concrete reden voor geeft.

19. Getrainde honden onderscheidden geurmonsters van gestreste mensen
In een gecontroleerd experiment konden getrainde honden geurmonsters onderscheiden die vóór en na een stressvolle taak bij mensen waren afgenomen. De monsters bestonden uit adem en zweet. De test was zo opgezet dat de honden het monster moesten herkennen dat met stress werd geassocieerd.
Dat is een interessante uitkomst, maar het betekent niet dat elke gezinshond altijd begrijpt hoe wij ons voelen. De studie onderzocht of getrainde honden specifieke monsters in een gecontroleerde situatie konden onderscheiden. Lees de studie in PLOS ONE.

20. Sommige honden leren de namen van veel speeltjes
Veel honden leren woorden als ‘zit’, hun naam of signalen die met wandelen en eten te maken hebben. Een kleine groep honden heeft daarnaast een uitzonderlijk vermogen laten zien: ze kunnen de namen van veel verschillende speeltjes leren.
Onderzoekers noemen deze honden ‘Gifted Word Learners’. Ze zijn zeldzaam. Dit betekent niet dat alle honden honderden namen van voorwerpen kunnen leren, maar het laat wel zien hoe groot de individuele verschillen in leervermogen kunnen zijn.

21. Honden kunnen gezichtsuitdrukkingen onderscheiden
In een gecontroleerde test konden honden verschillende emotionele uitdrukkingen op menselijke gezichten onderscheiden. Dat wijst erop dat ze visuele informatie uit gezichten kunnen gebruiken, en niet alleen reageren op de stem of de situatie eromheen.
Dat betekent niet dat honden gezichten precies zo interpreteren als mensen, of precies weten waarom we ons zo voelen. De studie laat zien dat uitdrukkingen voor honden als signalen kunnen werken. Lees de studie op PubMed.

22. Graven kan verschillende functies hebben
Een hond kan graven om een geurspoor te onderzoeken, een jachtinstinct te volgen, te spelen of een koelere plek te maken om te liggen. Sommige honden begraven ook spullen.
Als het graven plotseling begint of heel intens wordt, kan het helpen om te letten op wanneer en waar het gebeurt. Het patroon vertelt vaak meer dan het gat zelf.

23. Een hond schudt zich niet alleen uit om water kwijt te raken
Na een bad of een natte wandeling schudt een hond het water uit zijn vacht. Honden kunnen zich ook uitschudden na een intense of ongebruikelijke situatie.
Zo’n beweging kan een duidelijk overgangsmoment na een gebeurtenis zijn, maar bewijst op zichzelf niet dat de hond gestrest was. Let op de situatie en op andere signalen die je hond laat zien.

24. Honden hebben een derde ooglid
Honden hebben een knipvlies, ook wel het derde ooglid genoemd, in de binnenste ooghoek. Het helpt het oog te beschermen en het traanvocht te verdelen.
Als het knipvlies plotseling duidelijk zichtbaar wordt, of het oog rood, gezwollen of waterig is, moet een dierenarts de hond onderzoeken.

25. Een droge neus betekent niet automatisch dat een hond ziek is
De neus van een hond kan gedurende de dag nat of droog zijn. Slaap, temperatuur, luchtvochtigheid en likken kunnen veranderen hoe de neus aanvoelt.
Een droge neus is daarom op zichzelf geen betrouwbare koortsmeter. Let liever op veranderingen in eetlust, energie, ademhaling en gedrag. Neem contact op met een dierenarts als je hond ziek lijkt.

26. Geur helpt honden je te herkennen
Honden gebruiken geur om mensen en andere dieren te herkennen. Een vertrouwde geur kan herkenbaar blijven, zelfs wanneer de persoon niet in beeld is.
Dat is een van de redenen waarom honden kleding, schoenen en andere spullen onderzoeken die in contact zijn geweest met mensen die ze kennen.

27. Honden van hetzelfde ras kunnen sterk verschillen
Het ras kan een aanwijzing geven voor de eigenschappen waarvoor een hond is gefokt, maar vertelt niet alles over het individuele dier. Twee honden van hetzelfde ras kunnen verschillend reageren op vreemden, geluiden, spel en nieuwe situaties.
Genetica, opvoeding, ervaringen, gezondheid en omgeving spelen allemaal mee. Het is daarom nuttiger om je eigen hond te leren kennen dan te verwachten dat hij zich volgens een rasstereotype gedraagt.

28. Kopkantelen is onderzocht in een speelgoedtest
Een studie onderzocht hoe vaak honden hun kop kantelden terwijl hun baasjes vroegen om speeltjes bij naam te pakken. De kleine groep honden die bijzonder goed was in het leren van speelgoednamen kantelde tijdens de test vaker de kop dan honden met minder aanleg voor het leren van woorden.
De studie verklaart niet waarom jouw hond thuis zijn kop schuin houdt wanneer je tegen hem praat. Het onderzoek toont een verband in één specifieke taak, geen algemene verklaring voor het kantelen van de kop. Lees de studie in Animal Cognition.
29. Spel biedt honden de ruimte om te oefenen
Door te spelen kunnen honden bewegingen, timing en sociaal gedrag oefenen. Tijdens spel met andere honden kunnen de rollen wisselen. Honden kunnen ook even pauzeren voordat ze verdergaan.
Let erop of beide honden uit zichzelf weer gaan spelen. Als een van hen probeert weg te lopen, moet dat kunnen.

30. Honden en mensen delen een lange geschiedenis
Honden leven al duizenden jaren samen met mensen. Door de geschiedenis heen hebben ze op allerlei manieren met ons samengewerkt: als jachthond, waakhond, herdershond en gezelschapshond. Zo werden honden in de Vikingtijd samen met hun eigenaar begraven.
Die lange geschiedenis helpt verklaren waarom honden zo goed op menselijke signalen letten. Toch blijven honden honden: ze hebben hun eigen zintuigen, behoeften en manieren om hun omgeving te begrijpen.

Veelgestelde vragen over honden
Dromen honden?
Honden hebben slaapfasen die verband houden met droomactiviteit. Sommige bewegen hun poten of maken geluidjes terwijl ze slapen. We kunnen niet met zekerheid weten waar ze over dromen.
Welke kleuren kunnen honden zien?
Honden hebben dichromatisch kleurenzicht. Ze onderscheiden blauwe en gele tinten beter dan rood en groen.
Waarom snuffelen honden zoveel?
Geur geeft honden informatie over plaatsen, mensen en andere dieren. Snuffelen is daarom een belangrijk onderdeel van hoe ze de wereld onderzoeken.
Betekent kwispelen dat een hond blij is?
Niet per se. Kijk bij het interpreteren van kwispelen ook naar de lichaamshouding, gezichtsuitdrukking en de situatie waarin de hond zich bevindt.
Is een droge neus een teken dat mijn hond ziek is?
Niet op zichzelf. De neus kan om verschillende normale redenen droog zijn. Let op de algemene toestand van je hond en neem contact op met een dierenarts als hij ziek lijkt.





Delen: